Definitie van constante variabelen

Voor constantevariabelen moet u de variabele een naam geven, het variabeletype selecteren en de Standaardwaarde voor die variabele invoeren. De standaardwaarde wordt weergegeven en kan worden bewerkt wanneer een preflightprofiel wordt uitgevoerd.

Interactieve Smart Preflight

In het gedeelte Interactieve Smart Preflight kunt u de constante variabelen verder configureren zodat gebruikers bij het uitvoeren van een preflightprofiel handmatig waarden kunnen invoeren of de meest geschikte waarde kunnen kiezen in een lijst met voorgedefinieerde waarden.

In het gedeelte Interactieve Smart Preflight:


  1. Vink het selectievakje Handmatige invoer toestaan aan zodat gebruikers de waarden handmatig kunnen invoeren bij het uitvoeren van het preflightprofiel.
  2. Vink het selectievakje Een voorgedefinieerde lijst met waarden weergeven aan om een lijst met waarden te definiëren en gebruikers uit die lijst te laten kiezen.
    1. Als u Tekst gekozen hebt als type constante variabele, krijgt u een meerlijnig tekstvak te zien dat geactiveerd wordt wanneer u het selectievakje Een voorgedefinieerde lijst met waarden weergeven aanvinkt. Voer tekst zonder opmaak in in het meerlijnige tekstvak. Druk op de toets Enter om de volgende waarde op een nieuwe lijn in te voeren.

    2. Als u Aantal of Lengte gekozen hebt als type constante variabele, klikt u in het meerlijnige tekstvak waar de tekst waarde toevoegen wordt weergegeven, en voert u de waarde in. Als u Lengte gekozen hebt, zijn de waarden "Punten".

      U kunt de waarde maskeren en een alternatieve naam voor de gebruiker verschaffen door deze in te voeren in de kolom Leesbare naam. Druk op de toets Enter om de volgende waarde op een nieuwe lijn in te voeren.

      Voorzie een lege rij om als scheiding een lijn in te voeren tussen waarden.

      Het is ook mogelijk om de volgorde van de waarden te wijzigen door een waarde te selecteren en deze naar boven of onder te verslepen en op de gewenste positie neer te zetten.

  3. Vink het selectievakje Handmatige invoer toestaan aan en vink Een voorgedefinieerde lijst met waarden weergeven uit om gebruikers de waarde handmatig te laten invoeren in het tekstvak.
  4. Wanneer zowel het selectievakje Handmatige invoer toestaan als Een voorgedefinieerde lijst met waarden weergeven ingeschakeld is, kunnen gebruikers niet alleen een waarde selecteren in de voorgedefinieerde lijst, maar kunnen zij ook de waarde handmatig invoeren.
  5. Vink het selectievakje Een voorgedefinieerde lijst met waarden weergeven aan en vink Handmatige invoer toestaan uit om gebruikers alleen de mogelijkheid te geven een waarde te selecteren in de voorgedefinieerde lijst.
  6. Vink zowel Handmatige invoer toestaan als Een voorgedefinieerde lijst met waarden weergeven uit om de waarde die u hebt ingevoerd in het veld Standaardwaarde weer te geven in een alleen-lezen-tekstvak.
  7. Op het volgende schermvoorbeeld wordt het dialoogvenster Enfocus Smart Preflight weergeven. Gebruikers krijgen dit te zien wanneer zij een preflightprofiel uitvoeren waarop een variabelenset met de bovenstaande instellingen toegepast is.



    Note:

    Als u een oudere versie van PitStop Pro gebruikt en u variabelensets die aangemaakt werden met een nieuwere versie van PitStop Pro probeert te importeren en te gebruiken, wordt er mogelijk een foutmelding of een waarschuwingsbericht weergegeven.

    De foutmelding / het waarschuwingsbericht wordt alleen weergegeven als voor het aanmaken van de variabelenset minstens een van de nieuwe functies van de recentere versie van Enfocus PitStop Pro werd gebruikt.

    Wanneer u een variabelenset die werd aangemaakt met een van de nieuwere belangrijke releases van Enfocus PitStop Pro probeert te importeren, wordt mogelijk de volgende foutmelding weergegeven en is het mogelijk dat u de variabelenset niet kunt importeren:

    De geselecteerde variabelenset, example.evs, werd aangemaakt met een recentere toepassing en kan niet worden gebruikt.

    De foutmelding / het waarschuwingsbericht wordt alleen weergegeven als voor het aanmaken van de variabelenset minstens een van de nieuwe functies van de recentere versie van Enfocus PitStop Pro werd gebruikt.

    Wanneer u een variabelenset die werd aangemaakt met een van de minder belangrijke releases van Enfocus PitStop Pro probeert te importeren, wordt mogelijk het volgende waarschuwingsbericht weergegeven:

    Deze variabelenset heeft instellingen die niet ondersteund worden door deze versie van de software. Deze kunnen gewijzigd of verwijderd worden tijdens het bewerken van de variabelenset.

    Weet u zeker dat u deze variabelenset wilt bewerken?

    Klik op de knop Ja om de variabelenset te blijven gebruiken. U krijgt een gelijkaardige foutmelding te zien in de Enfocus-editor voor variabelenset wanneer u de variabelenset opent om deze te bewerken.

    De foutmelding / het waarschuwingsbericht wordt alleen weergegeven als voor het aanmaken van de variabelenset minstens een van de nieuwe functies van de recentere versie van Enfocus PitStop Pro werd gebruikt.

    Note: U kunt variabelensets aanmaken die compatibel zijn met eerdere versies van PitStop Pro door geen van de nieuwe functies te gebruiken. Enfocus PitStop Pro kiest bij het opslaan automatisch het laagst mogelijke versienummer voor de variabelenset om een maximale compatibiliteit te kunnen garanderen.